Anarchisme gaat de revolutie niet brengen

Het probleem met anarchisme in Nederland is het gebrek aan revolutionair perspectief. Anarchisme hier formuleert nooit een concreet einddoel of een richting, en verliest daarmee de mogelijkheid om een concrete langetermijnvisie te maken en op basis daarvan een strategie te ontwerpen. Anarchistische theorie blijft vaak steken in een (hoewel terechte) kritiek op de huidige situatie, maar komt niet met een eigen plan voor revolutie of zelfs maar het bouwen van een beweging. Het kapitalisme is een systeem van klassenonderdrukking dus de bevrijding daarvan moet geleid worden door die onderdrukte klassen. Die klassen moeten dus georganiseerd en gemobiliseerd worden. Maar hoe doe je dat? Een vraag waar anarchisten in Nederland geen antwoord op hebben.

Wat inspirerend is aan anarchisten is hun actiebereidheid en radicale toewijding aan rechtvaardigheid. Het zijn geen mensen die zich voor de gek laten houden door reformistische bullshit. De politie is straight out je vijand en wetswijzigingen zijn geen structurele verandering. Anarchisten begrijpen dat. Het is vaak een verademing om te zien in deze verstikkende maatschappij, waar op elk aspect de dictatuur van de heersende klasse is gevestigd, vooral ideologisch. Maar de organisatievormen van anarchisme dragen er aan bij dat deze verademingen klein en tijdelijk blijven, iets wat anarchistische groepen en projecten uiterst kwetsbaar maakt voor aanvallen van de staat en ongeschikt voor het bouwen van een beweging.

Horizontaal organiseren

Dit is inherent aan datgene wat anarchisme specifiek maakt en zich onderscheidt van zo’n beetje alle andere ideologieën: het afwijzen van formele hiërarchie en van alle vormen van officiële macht. Dit is eerder een belemmering voor de opbouw naar de revolutie dan een vehikel ervoor. Het afwijzen van formele hiërarchie wordt in de huidige vormen van anarchisme vertaald in een afwijzing van democratie en een omarmen van ‘consensus’ modellen: alleen voorstellen waar niemand onoverkomelijke bezwaren tegen heeft, worden geaccepteerd en uitgevoerd. Het idee is dat niemand jou kan vertegenwoordigen, behalve jij zelf. De logische conclusie die hieruit volgt is dat jij zelf aanwezig moet zijn op de algemene vergadering, het centrale besluitsorgaan in het consensusmodel.

Waarom dit niet werkt, laat iedere vergadering zien van een groep groter dan dertig mensen. Als je wil dat jouw visie wordt geaccepteerd door de groep, moet je aan vier voorwaarden voldoen: 1) Je moet gigantische hoeveelheden tijd tot je beschikking hebben, want general assemblies kunnen eindeloos zijn. (In het Maagdenhuis konden ze tot acht uur lang duren!) 2) Je moet de energie hebben om dat vol te houden. 3) Je moet het meest vastberaden zijn om je eigen mening/visie ‘geaccepteerd’ te laten worden. 4) Je moet geïntegreerd zijn in de interne cultuur, met alle officiële en officieuze gedragsregels, -normen en -verwachtingen. Voldoe je daar niet aan, dan word je niet vertegenwoordigd.

Ironisch genoeg zorgt een ‘horizontaal’ model ervoor dat de macht in handen komt van een paar individuen binnen de groep, zonder enige vorm van democratische controle daarop. De groep wordt dus niet geleid door de beste ideeën, de meest geavanceerde politieke of strategische inzichten, organisatorische of politiek ervaring of de overtuigingskracht van de ideeëndragers. ‘Horizontaal’ organiseren in grote groepen betekent in feite een dictatuur van de meest volhardende, best geïntegreerde minderheid. Jo Freeman noemde dit de tirannie van de structuurloosheid. Het is of heel ineffectief of heel erg ondemocratisch, of allebei. Dit kan geen middel zijn om een beweging te bouwen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de anarchistische ‘beweging’ in Nederland klein en allesbehalve invloedrijk is.

Meer een subcultuur dan een beweging

Vaak vinden de initiatief nemende anarchisten het niet erg als hun projecten klein blijven, omdat het hen een bepaald gevoel van autonomie geeft. Maar dat betekent dat activisme iets wordt wat je voor jezelf doet, in plaats van dat je het gebruikt om mensen te mobiliseren en vooruit te brengen. Anarchisme in de huidige vorm is dan ook meer een subcultuur dan een beweging. Dat betekent dat interne cultuur en persoonlijke verschillen de boventoon voeren. Het betekent ook dat er ideeën ontstaan die niet worden getoetst aan de materiële realiteit waar de ideeën over gaan, omdat de enige maatstaf voor een ‘correct’ idee de morele puurheid ervan is. Organiseren gaat over ‘verzet tegen’, niet over ‘hoe gaan we een beweging bouwen om vooruit te komen, een stapje in de richting van de revolutie’. Als kraakpanden worden ontruimd, worden ze verdedigd uit principe, niet omdat ze verdedigbaar zijn. Er is niks met het principe en er is moreel niks aan te merken op vechten tegen de politie, maar is het strategisch? Haal je er iets uit? Vaak niet.

Een ander voorbeeld van ‘pure’ ideeën gaat over natiestaten. Per definitie alle natiestaten afwijzen lijkt logisch als je in Nederland opgroeit en ziet welke gruwelijkheden gebeuren en welk reactionair sentiment wordt gemobiliseerd onder de nationale driekleur. Maar daaruit de conclusie trekken dat natiestaten per definitie verkeerd zijn, is te simplistisch. Wat bijvoorbeeld te denken van Palestijns, Koerdisch of Filipijns nationalisme? Dat manifesteert zich juist als een progressieve factor, die het volk in de richting van bevrijding wijst. Maar ook ‘de revolutie’ in Nederland: hoe gaat dat gebeuren als je de grenzen afwijst? Hoe ga je een grenzenloze samenleving bouwen als die letterlijk is begrenst door de grenzen van de buurlanden? Hoe ga je zorgen dat imperialisten die grenzen niet jouw kant op verleggen – met andere woorden, het land afpakken waar je je revolutie hebt gebouwd? Deze belangrijke vragen komen vanzelf voort uit anarchistische theorie, maar ze worden er niet door beantwoord.

Wat is anarchisme?

Dat is mijns inziens de grootste zwakte van het anarchisme als ideologie: een onwil om te erkennen dat macht onvermijdelijk is in de revolutie en het voortbestaan daarvan, en een onkunde om om te gaan met bestaande machtsdynamieken (in de eigen beweging en in de maatschappij).

Zoals gezegd, wijst anarchisme alle formele macht af. Als antikapitalistische ideologie richt anarchisme zich dus niet alleen op het omverwerpen van het kapitalisme, maar ook van de staat zelf. In plaats daarvan zouden op kleine schaal georganiseerde collectieven (‘vrije associaties’) in hun levensbehoeften moeten voorzien en ‘vrij’ met elkaar omgaan en handelen. Dat binnen de context van imperialisme en kapitalisme zoiets niet kan bestaan zonder staatsmacht wordt gewoon genegeerd, net als het feit dat zo’n maatschappijorganisatie absoluut geen garantie geeft dat iedereen toegang heeft tot de primaire levensbehoeften, laat staan secundaire. Zonder geleide economie betekent een bestaan van diverse, kleine, autonome collectieven niets minder dan dat er competitie en zelfzuchtigheid gaat onstaan. Het enige moment in de wereldgeschiedenis waar anarchisme als ideologie ‘aan de macht’ kwam, in Spanje tussen 1936 en 1939, leert precies deze les. De collectieven waren zelf verantwoordelijk om te overleven; collectieven die door geluk of andere factoren beter bedeeld waren, hadden meer macht en hadden betere toegang tot voorzieningen. De arme collectieven werden gedwongen een hypotheek te leggen op hun productiemiddelen bij en te lenen van… de bourgeois overheid. (Lees er hier meer over.)

Revolutie als utopie

De staat een orgaan is van de heersende klasse om de belangen van die klasse te verdedigen. Wat een staat een staat maakt, is het hebben van een geweldsmonopolie binnen een bepaald gebied, met of zonder instemming van de mensen die in dat gebied wonen. De heersende klasse stemt uiteraard in met het geweldsmonopolie. De bedoeling van een revolutie is om een samenleving zonder klassen te bereiken, waardoor er dus geen staat meer nodig zal zijn.

Anarchisme trekt hieruit de conclusie dat een revolutie betekent dat je in één keer een klassenloze samenleving creëert. Maar dit is meer een utopisch dan een realistisch denkbeeld. Nog afgezien van het feit dat anarchisten geen helder idee hebben van hoe zo ver te komen om de bourgeoisie van de troon te stoten; wat als dat eenmaal gelukt is? Dan ontstaat er een machtsvacuüm. Wat doe je daarmee? Laat je die leeg, omdat je macht afwijst? Dan komt de bourgeoisie gewoon weer terug, waarschijnlijk met behulp van imperialistische grootmachten die er alles aan zullen doen om socialistische/anarchistische/communistische landen te vernietigen. De tientallen CIA-gesteunde staatsgrepen en Amerikaanse invallen in Zuid-Amerika, Azië en Afrika zijn hier het bewijs van. Ook na de Russische Revolutie in 1917 vormden de binnenlandse bourgeoisie en imperialistische machten een blok met de bedoeling de revolutie te vernietigen. Dit werd een burgeroorlog die door het Rode Leger gewonnen werd. Maar wat als je geen professioneel, centraal geleid leger hebt? Dan word je onder de voet gelopen. Wat als je geen gevangenis hebt om de gevaarlijkste vijanden in op te sluiten? Dan kunnen ze zich organiseren om de revolutie kapot te maken. Gezien de realiteit dat we in het imperialisme leven, dat de bourgeoisie enorm machtig is en een revolutie niet zal tolereren (want het betekent een verlies van een marktgebied waar arbeid kan worden uitgebuit, grondstoffen gestolen kunnen worden en dus winst kan worden gemaakt), is het nodig om hen tijdens en na de revolutie te onderdrukken. Om hen te onderdrukken heb je apparaten nodig die gebruik kunnen maken van een geweldsmonopolie.  Ofwel, een revolutie die het kapitalisme omver werpt, heeft staatsmacht nodig om zichzelf te kunnen verdedigen en de belangen van de nieuwe heersende klasse (het proletariaat) te behartigen.

Maar anarchisten negeren deze belangrijke realiteit en doen alsof je in één stap kunt gaan van een samenleving die is doordrenkt van geïnstitutionaliseerde, gemondialiseerde macht (kapitalisme, imperialisme, patriarchaat), naar een samenleving zonder enige vorm van macht. Het is ironisch dat een ideologie die zich voornamelijk richt op het uitwissen van alle macht, nog niet heeft laten zien dat het een begrip heeft ontwikkeld van hoe macht werkt.

Het komt er op neer dat anarchisten van de revolutie een utopie hebben gemaakt. In een utopisch idee blijf je dromen van de perfecte samenleving, in plaats van er in concrete stappen naartoe te werken. Je berooft jezelf van de mogelijkheid om onderzoek te doen naar de meest dringende vraagstukken, te analyseren wat de grootste problemen zijn binnen een gegeven context, te leren van geslaagde en mislukte historische wereldrevoluties, een theorie en een plan te ontwikkelen om de stijd tegen het kapitalisme aan te gaan, en bovenal de massa’s te organiseren en te mobiliseren – kortom: een strategie te ontwerpen en die op een coherente en gedisciplineerde manier toe te passen en zo serieus kans te maken om die revolutie te winnen.

Zoveel willen doen

Zoveel willen doen
Zoveel willen veranderen
Maar we zijn met zo weinig
De energie lijkt verloren
Ik heb een machteloos gevoel

Misschien maar verhuizen naar de VS, Frankrijk of Palestina,
waar er wél miljoenen strijders zijn.

Maar wegrennen voor de problemen hier, lost de problemen daar niet op.

De strijd van de onderdrukten in Nederland is in namelijk verbonden met de Palestijnse strijd voor vrijheid en terugkeer:
Nederland koopt wapens van Israël,
Nederland vervoert wapens en politiehonden naar Israël,
De Nederlandse politie wordt getraind in Israël,
en Nederland steunt Israël diplomatiek sinds de oprichting van de Israëlische staat in 1948 – die tot stand kwam door de etnische zuivering van Palestina, waardoor 750.000 mensen verdreven werden van hun land.

Een overwinning van het Palestijnse volk op het zionisme,
is een overwinning van alle volkeren tegen hun eigen onderdrukker.
De wereldwijde onderdrukkers gebruiken immers wapens die afkomstig zijn uit Israël.

Een overwinning van het Nederlandse volk op de Nederlandse imperialistische elite, zou van eenzelfde reusachtige betekenis zijn:
Nederland is de derde grootste investeerder in de VS,
Nederland is één groot belastingparadijs voor internationale bedrijven (waaronder het Russische bedrijf dat de BUK-raket maakte waarmee MH-17 is neergeschoten),
en Nederlandse bedrijven zoals Shell, Unilever, ING, ABN-AMRO en Philips zijn op grote schaal betrokken bij kinderarbeid, slavernij, wapenhandel, het vermoorden van mensen, het leegplunderen van landen en het aanrichten van milieuschade.

Dezelfde bedrijven die nu de wereld kapot maken, deden dat ook tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De Philips Politie (bedrijfspolitie van Philips) werkte tijdens de Tweede Wereldoorlog samen met de nazi-bezetter. Onder leiding van Willem Dijs, die tevens politierechercheur was, werden joodse vluchtelingen bij de grens opgepakt en communisten weggewerkt. Uiteindelijk werd Dijs door de Duitsers aangesteld als politiecommissaris in Eindhoven. Een collaborateur in hart en nieren.

Het is aan ons om de collaborateurs in het hier en nu op te sporen. Het is tijd dat zij onze pijn en ellende voelen die zij hebben gecreëerd – van het huiselijke geweld tot de oorlogen in Irak en Indonesië, van de gedwongen huisuitzettingen tot de zogenaamde schuld‘hulpverlening’, van de pesterijen op school waar geen leraar tegen optrad tot de mishandelende baas op het werk, en van de mishandeling in de concentratiekampen van de GGZ tot de inhumane omstandigheden in vluchtelingenkampen in Nederland.

Dus onze macht kan gigantisch groot zijn;
Van de gaswerkers in Groningen tot de havenarbeiders in Rotterdam;
Van de schoonmakers tot de leraren;
Van de stratenmakers tot de vuilnismannen;
Van de studenten tot de bouwvakkers;

Als we onze krachten bundelen,
Alle onderdrukten samen tegenover hun onderdrukkers,
Zij-aan-zij, gelijk in de strijd,
Als wij de stem van de onderdrukten vormen,
En niet zullen niet rusten voordat wij allemaal vrij zijn,
Dan kunnen wij de grootste daden in de geschiedenis van de mensheid verrichten.

De weg naar voren ligt niet aan de overkant van het kanaal, in Zuid-Amerika of de VS.
Onze eigen geschiedenis is ons belangrijkste wapen.
De geschiedenis van Anton de Kom in plaats van Malcolm X;
De geschiedenis van Domela Nieuwenhuis in plaats van Vladimir Lenin;
De geschiedenis van Joke Kaviaar in plaats van Naomi Klein.

En natuurlijk bestaat er geen of/of.
De strijd van onderdrukten wereldwijd is met elkaar verbonden.
De strijd is verschillend en heeft zijn eigenaardigheden in verschillende werelddelen, landen, provincies, steden, wijken, buurten, huizen, werkplekken, scholen en vrijetijdsverenigingen.

Als we daadwerkelijk en/en willen – revolutie buiten én binnen Nederland,
dan zullen we moeten weten wat Nederland is, wie de Nederlandse bevolking is en, cruciaal, hoe Nederland is geworden tot wat het is.

Waarom hebben 800.000 kinderen te weinig eten?
Waarom leven er 2,5 miljoen mensen in armoede?
Waarom is er dwangarbeid in Nederland?
Waarom staan er vluchtelingen- / concentratiekampen in Nederland?
Waarom mogen de pakketbezorgers van PostNL niet staken?
Waarom slikken 1 miljoen Nederlanders antidepressiva?

Deze situatie is niet uit de lucht komen vallen en is geen ’foutje’.
Nederland is wat het is doordat er bewuste keuzes zijn gemaakt,
niet door het Nederlandse volk, maar door de Nederlandse elite.

In onze kapitalistische maatschappij is er een elite aan de macht die niet werkt, maar wel de keuzes maakt.
Het snelst groeiende beroep is zorgmanager.
Dat klinkt leuk, iemand die gaat managen dat de zorg goed loopt,
maar deze managers doen niets anders dan deals maken met de zorgverzekeraars, financiële instellingen en zorginstellingen, zonder zelf ook maar één vinger uit te steken als verzorger.

Mark Rutte is ook zo’n elite persoon.
Terwijl hij voor €50 miljard heeft bezuinigd op sociale voorzieningen van de Nederlandse werkende klasse,
is de staatsschuld met €130 miljard toegenomen!
Er zijn miljarden betaald aan Zwitserse, Franse, Duitse en Nederlandse banken,
het politieapparaat is uitgebreid om ons overal in de gaten te houden en inmiddels worden er wéér bommen gegooid op de mensen in het Midden-Oosten.

Het is aan ons om de macht uit de handen van de Nederlandse elite te rukken.
Door hun gierigheid en plundertochten lijden miljoenen, zelfs miljarden mensen over de hele wereld – van Nederland tot Palestina, en van Groningen tot de Niger Delta.
Het lot van miljarden mensen is met elkaar verbonden.
Laat daarmee ook onze strijd verbonden zijn;
voor een beter lot en een beter leven.

Met onze energie zullen we vechten tegen de elite,
tegen Mark Rutte, Geert Wilders en Barack Obama,
We vechten voor een betere wereld.
Een wereld voor iedereen;
zonder uitbuiting en onderdrukking,
zonder uitbuiters en onderdrukkers.
Het gevecht voor een betere wereld begint bij het individu,
maar we vechten zij-aan-zij.
Niemand kan en hoeft de wereld in zijn of haar eentje te veranderen –
Alleen samen, staan we sterk.

Pacifisme is een verlengstuk van de kapitalistische staat

Geweldloosheid en pacifisme zijn twee verschillende dingen. Geweldloosheid is een van de vele gereedschappen in je strijd voor bevrijding en gelijkheid. Het is in te zetten in bepaalde situaties, als er meer uit een actie of handeling valt te halen op een geweldloze manier dan op een niet-geweldloze manier. Het is een legitiem middel in de strijd, net als sommige vormen van geweld dat zijn in bepaalde situaties.

Pacifisme daarentegen is gedogmatiseerde geweldloosheid. ‘Een oog voor een oog maakt iedereen blind’, is de slogan die deze denkwijze samenvat. Het concentreert zich op degene die wraak neemt, waarbij twee dingen genegeerd worden: het feit dat die persoon blijkbaar een reden heeft om terug te vechten (materiële realiteit van onderdrukking) en de oorspronkelijke aanvaller (kapitalisme, patriarchaat, imperialisme).

Pacifisme speelt morele politie voor onderdrukten, maar niet voor onderdrukkers. Zo lang geweld gericht is op onderdrukte klassen en onzichtbaar blijft voor het petty bourgeois oog, vinden pacifisten geweld prima – zelfs als het extreem wordt, zoals in apartheidstaten, genocides, imperialistische oorlogen, EU grenspolitiek, etc. Maar zodra mensen zich beginnen te verzetten tegen precies dat geweld, dan klimmen pacifisten ineens in de pen. Dan worden claims op moraliteit gemaakt en morele grenzen getrokken. Dan is geweld ineens onacceptabel. Deze *policing* (daar moet een Nederlands woord voor komen) van machteloze, onderdrukte mensen die hun menselijkheid terugclaimen is de zachte versie van de repressie van de heersende klasse. Pacifisme is daarmee niet alleen een moralistisch standpunt, maar ook een verlengstuk van de kapitalistische staat (die alleen kan functioneren door de onderdrukking en uitbuiting van het volk), juist omdat het weigert solidair te zijn met mensen in hun strijd voor hun bevrijding.